Kun jij ook besparen op je maandlasten? Download ons gratis whitepaper hier.

Je pensioensituatie verbeteren; wat kun je doen?

Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid maakte bekend dat de nieuwe pensioenwet niet per 1 januari 2022 ingevoerd kan worden, maar pas per 1 januari 2023. Het streven blijft om per 1 januari 2026 de overstap te maken naar het nieuwe pensioenstelsel. Maar doordat de wetgeving later gerealiseerd zal zijn, bestaat de kans dat daarmee ook de overstap naar het nieuwe stelsel met een jaar vertraagd wordt. Want pensioenfondsen moeten nadat de wetgeving officieel bekend is, nog veel werk verrichten. Bijvoorbeeld om de systemen in te richten en de overdracht van het oude naar het nieuwe pensioenstelsel voor alle pensioendeelnemers uit te voeren.

De vertraging kan eventueel tot gevolg hebben dat de kans groter wordt dat de komende jaren de pensioenen bij sommige pensioenfondsen gekort moeten worden als de minimale dekkingsgraad niet wordt gehaald.

Wat het nieuwe pensioenstelsel precies voor invloed heeft op je eigen pensioen valt op dit moment nog niet te zeggen. Wel is duidelijk dat de hoogte van het toekomstige pensioen onzekerder gaat worden, omdat het meer met de marktontwikkelingen mee gaat bewegen.

Wat kan ik wel zelf doen?

Dat het pensioeninkomen uit je werkgeverspensioen onzekerder wordt, betekent niet dat je helemaal lijdzaam hoeft af te wachten hoeveel geld je te besteden hebt als je met pensioen gaat. Je kunt namelijk zelf meerdere zaken doen om ruimer te kunnen leven als je met pensioen gaat:

  1. Je toekomstige vaste uitgaven verlagen: bijvoorbeeld door er voor te zorgen dat je geen of een kleine hypotheek hebt als je met pensioen gaat door nu maandelijks af te lossen op je hypotheek.
  2. Nu zelf extra pensioen opbouwen of zelf extra sparen en beleggen.
  3. Bij pensionering: naar een goedkopere koopwoning verhuizen of gaan huren; je overwaarde langzaam weer opeten.

Zelfs als je pensioeninkomen iets lager uitvalt, heb je dankzij lagere vaste maandlasten waarschijnlijk nog hetzelfde of zelfs meer te besteden. Een huis is dus een prima pensioenvoorziening.

Een voorbeeld:

 Huishouden 1 Huishouden 2
Netto pensioeninkomen (AOW + aanvullend pensioen)€ 1.900 € 1.700
Netto hypotheeklast  €    500€       0
Besteedbaar inkomen (wat blijft er maandelijks over)€ 1.400  € 1.700

 

Áls consumenten al naar hun pensioensituatie kijken, dan kijken ze vaak alleen naar het pensioeninkomen. Maar ze zouden ook naar de uitgaven moeten kijken. Want als de uitgaven lager zijn, dan ziet de pensioensituatie er misschien opeens wel veel beter uit, omdat ze meer te besteden hebben.

Verplichte pensioenvoorziening

Sinds 2013 moeten huizenkopers kiezen voor een hypotheek die maandelijks aflost en aan het eind van de looptijd volledig is afgelost. Anders is de hypotheekrente niet aftrekbaar. Gevolg is dat eigenlijk veel nieuw afgesloten hypotheek een annuïteiten- of lineaire hypotheek zijn. De overheid heeft op die manier een extra ‘verplichte pensioenvoorziening’ gecreëerd voor veelal jonge huizenbezitters.

Overigens zien we steeds vaker dat doorstromers, en zelfs ook starters, voor een aflossingsvrij deel kiezen bij het kopen van een woning. Het voordeel is dat ze daardoor nu hele lage maandlasten hebben, ondanks dat de hypotheekrente niet aftrekbaar is (tenzij het om een hypotheek gaat die al voor 1-1-2013 is afgesloten). Je zou er ook voor kunnen kiezen om wel maandelijks af te lossen.

Aflossen staat namelijk gelijk aan sparen; je vermogen wordt daarmee groter. En je pensioensituatie wordt beter, omdat je in de toekomst geen of een lagere hypotheek hebt.

Heb je een bestaande aflossingsvrije hypotheek dan kun je als pensioenvoorziening ervoor kiezen om hier extra op af te lossen op het moment dat je spaargeld overhoudt (houdt wel een goede spaarbuffer aan) of door de aflossingsvrije hypotheek om te zetten in een annuïteiten- of lineaire hypotheek.

Extra pensioeninkomen

Je kunt via een lijfrente geld sparen of beleggen voor je pensioen. Onder bepaalde voorwaarden zijn de uitgaven voor een lijfrente aftrekbaar voor de inkomstenbelasting. Op deze wijze bouw je naast je AOW en het werkgeverspensioen ook nog zelf een extra stukje pensioen op. Als je de pensioengerechtigde leeftijd bereikt, heb je hopelijk een mooi kapitaal opgebouwd, waarvan je een maandelijkse lijfrente aan kunt kopen. Daar moet je overigens wel inkomstenbelasting over betalen, maar mogelijk dan wel in een lagere belastingschijf.

Daarnaast kun je zelf sparen of beleggen voor later. Bijvoorbeeld door periodiek geld te beleggen in een beleggingsfonds die aansluit bij je risicoprofiel. Kom je boven het vrijstellingsbedrag uit, dan moet je wel vermogensrendementsheffing betalen.

Overwaarde benutten op pensioendatum

Veel huizenbezitters hebben de afgelopen jaren veel overwaarde opgebouwd. Deels omdat hun hypotheek kleiner is geworden, maar vooral door de grote prijsstijgingen in de afgelopen jaren. Het is natuurlijk geen garantie dat de huizenprijzen altijd op dit hoge niveau blijven of zelfs nog verder stijgen, maar als je op pensioendatum nog steeds een ruime overwaarde hebt, dan kun je die mogelijk te gelde maken.

De meest makkelijke manier is verhuizen naar een huurwoning of naar een goedkopere koopwoning. Je krijgt dan de overwaarde of een deel daarvan in één keer beschikbaar.

Verhuis je niet, dan kun je mogelijk een tweede hypotheek nemen of een opeethypotheek om je pensioeninkomen aan te vullen.

Blijf op de hoogte

Schrijf je nu in voor de nieuwsbrief en blijf op de hoogte van het laatste (rente)nieuws.