In december 2025 liet Van Bruggen onderzoek doen onder Nederlanders van 40 tot 67 jaar met een (deels) aflossingsvrije hypotheek. Aanleiding was de toenemende onzekerheid over betaalbaarheid, pensioen en strengere acceptatieregels bij geldverstrekkers.

 Het onderzoek richtte zich op drie vragen:

  • Of zij voldoende kennis hebben van fiscale regels en kenmerken van de aflossingsvrije hypotheek
  • Hoeveel mensen in deze leeftijdsgroep een aflossingsvrije hypotheek hebben en hoe hoog die is
  • Of zij weten of hun hypotheek betaalbaar blijft bij veranderingen, zoals pensioen

Veel zorgen en onduidelijkheid over financiële toekomst

Uit het onderzoek blijkt dat veel mensen geen goed beeld hebben van hun financiële situatie op latere leeftijd. Dat zorgt voor onzekerheid, vooral rondom pensioen en wonen. Enkele opvallende uitkomsten:

  • 49% weet niet wat er financieel verandert bij pensionering
  • 83% denkt de hypotheeklasten tijdens het pensioen te kunnen blijven betalen
  • 19% verwacht géén nieuwe hypotheek te krijgen na afloop van de aflossingsvrije looptijd

Deze combinatie wijst op een kloof tussen gevoel en feitelijke kennis.

Beperkte kennis over aflossingsvrije hypotheken

Veel mensen weten niet precies hoe een aflossingsvrije hypotheek werkt. Zo blijkt:

  • Een kwart van de mensen weet niet dat de hypotheekrente maximaal 30 jaar aftrekbaar is.
  • Bijna de helft weet niet dat geldverstrekkers vanaf 57 jaar rekening houden met pensioeninkomen.
  • Ruim zes op de tien mensen weet niet dat je nog maar maximaal de helft van je woning aflossingsvrij mag financieren. Rabobank en Obvion kondigden afgelopen week aan dat ze dit gaan verlagen naar 30%.
  • Meer dan 1 op de 10 denkt dat een aflossingsvrije hypotheek nooit afgelost hoeft te worden. Nog eens 6% weet dat niet zeker.

Zijn de zorgen over aflossingsvrije hypotheken terecht?

Of zorgen over een aflossingsvrije hypotheek terecht zijn, hangt af van je persoonlijke situatie. Er spelen verschillende factoren mee. Sommige hebben een positief effect op je financiële ruimte, andere juist niet. Een paar voorbeelden:

Negatieve effecten

  • Inkomen daalt vaak na pensionering
  • Rente kan stijgen na afloop van de rentevaste periode
  • Hypotheekrenteaftrek stopt na 30 jaar

Positieve effecten

  • Een deels aflossende hypotheek vergroot later de financiële ruimte
  • Overwaarde kan een buffer vormen

Ook ingrijpende gebeurtenissen, zoals een scheiding of het overlijden van een partner, kunnen grote impact hebben.

Praktijkvoorbeeld: hoe maandlasten fors kunnen oplopen

Frederik en Lieke: van 7% naar 50% van hun inkomen naar de hypotheek

We nemen je mee in het verhaal van Frederik en Lieke. Zo zie je hoe de maandlasten van een aflossingsvrije hypotheek in de tijd kunnen veranderen.

Huidige situatie: 2026

  • Frederik en Lieke zijn allebei 60 jaar. Frederik werkt als zzp’er en Lieke werkt parttime.
  • Hun huis is € 800.000,- waard. Ze hebben een volledig aflossingsvrije hypotheek van € 400.000,-.
  • Ze betalen 2% rente. Die staat 20 jaar vast sinds 2021.
  • Samen hebben ze een netto-inkomen van € 6.000,- per maand.
  • Hun bruto maandlast is € 667,-. Netto betalen ze € 416,- aan hypotheek. Dat is 7% van hun netto-inkomen .

2031: Helft hypotheekrenteaftrek stopt

  • De helft van hun hypotheek (€ 200.000,-) sloten ze af in 2000. Die renteaftrek stopt in 2031. De andere helft blijft nog aftrekbaar.
  • De bruto maandlast blijft gelijk: € 667,-.
  • Maar netto betalen ze nu € 541,- per maand.
  • Het deel van hun inkomen dat naar de hypotheek gaat, stijgt naar 9%.

2033: Lager inkomen als Frederik en Lieke met pensioen gaan

In 2033 gaan Frederik en Lieke met pensioen. Hun gezamenlijke netto pensioeninkomen is dan
€ 3.000,-. Dat is de helft van wat ze nu verdienen. Vooral omdat Frederik als zzp’er weinig pensioen heeft opgebouwd.

Doordat hun inkomen lager is én ze minder belasting betalen, gaat ook de renteaftrek omlaag.
Hun bruto maandlast blijft € 667,-, maar netto betalen ze nu € 607,-.

Dat is ruim 20% van hun netto-inkomen.

2038: Geen renteaftrek meer

De tweede helft van hun hypotheek is nu ook 30 jaar oud. De rente is dan niet meer aftrekbaar.

De bruto én netto maandlast zijn nu allebei € 667,-.

Dat is 22% van hun maandinkomen.

2041: Rente loopt af en stijgt naar 4,5%

De rentevaste periode eindigt in 2041. We gaan er in dit voorbeeld van uit dat de rente stijgt naar 4,5%.

Hun maandlast verdubbelt: van € 667,- naar € 1.500,-.

Frederik en Lieke zijn dan 50% van hun inkomen kwijt aan de hypotheek.

Wat kun je hiervan leren?

Het voorbeeld van Frederik en Lieke laat zien hoe je financiële situatie door de jaren heen kan veranderen. Je maandlasten stijgen, terwijl je inkomen juist daalt. De rente kan hoger of lager uitvallen. Daarnaast kun je een erfenis krijgen of te maken krijgen met nieuwe belastingregels. Niets is zeker.

Ons advies: zorg dat je inzicht hebt in je situatie

Als je weet wat je kunt verwachten, sta je sterker. In veel gevallen blijven de lasten goed betaalbaar. Je weet waar je aan toe bent, maakt je minder zorgen en kunt op tijd maatregelen nemen als dat nodig is.

Heb jij een (deels) aflossingsvrije hypotheek en wil je weten of die ook in de toekomst betaalbaar blijft? Of vraag je je af of je straks nog kunt verhuizen of oversluiten? Samen brengen we jouw situatie nu én later helder in beeld.