Geef jij voorkeur aan advies op de vestiging of op afstand? De keuze is aan jou. Lees meer.

Rentemiddeling goedkoper vanaf 1 juli

Vanaf 1 juli mogen geldverstrekkers geen rente-opslag meer rekenen bij rentemiddeling. Doordat de meeste geldverstrekkers een rente-opslag rekenen van 0,2%, was het tot nu toe vaak interessanter om de hypotheek over te sluiten, tenminste als je voldoende spaargeld had om de bijkomende kosten te betalen. Die rente-opslag was voor geldverstrekkers een mooie gelegenheid om iets extra te verdienen, omdat ze ook wel weten dat consumenten liever niet al die rompslomp willen hebben van het oversluiten en hun spaargeld hiervoor niet willen gebruiken.

Maar het kabinet heeft op verzoek van de Tweede Kamer de Europese regels die gelden voor het oversluiten van een hypotheek nu ook van toepassing verklaard op rentemiddeling. In ieder geval wat betreft de rente-opslag, die mag vanaf 1 juli niet meer worden gerekend. Omdat er geen sprake is van aflossing bij rentemiddeling, hoeft een geldverstrekker geen rekening te houden met het boetevrije aflossingsdeel.

Houd er overigens rekening mee dat niet elke geldverstrekker de mogelijkheid van rentemiddeling kent. Bovendien bestaat de kans dat er misschien geldverstrekkers gaan stoppen met het aanbieden van rentemiddeling. Tot nu toe heeft gelukkig slechts één geldverstrekker dit bekend gemaakt.

Hoe werkt rentemiddeling?

Stel je rente staat nog 14 maanden vast tegen een rente van 5%. Als nieuwe rentevaste periode wil je de rente voor 20 jaar vastzetten en stel die rente is bij jouw geldverstrekker 3%.

Bij rentemiddeling gaat de berekening van de nieuwe rente als volgt:

  • De oude rente geldt nog voor 14 maanden tegen 5%: 14 * 5 = 70
  • De nieuwe rente van 3% geldt voor 240 maanden minus de 14 maanden dat de oude rente nog geldt: 226 * 3 = 678
  • Totaal: 70 + 678 = 748
  • De nieuwe rente na rentemiddeling is: 748/240 = 3,12%

De rente na rentemiddeling ligt dus 20 jaar wel 0,12% hoger dan de rente bij oversluiten, maar het grote voordeel is dat je meteen naar de lagere maandlast gaat en niet in één keer een boeterente hoeft te betalen.

Houd er rekening mee dat als je nog een lange rentevaste periode te gaan hebt, rentemiddeling veel minder tot een lagere rente leidt. Stel dat in het vorige voorbeeld je rente niet nog 14 maanden vaststond maar nog 5 jaar, dan was de nieuwe rente naar rentemiddeling 3,5% geworden, namelijk:

  • De oude rente geldt nog voor 60 maanden tegen 5%: 60 * 5 = 300
  • De nieuwe rente van 3% geldt voor 240 maanden minus de 60 maanden dat de oude rente nog geldt: 180 * 3 = 540
  • Totaal: 300 + 540 = 840
  • De nieuwe rente na rentemiddeling is: 840/240 = 3,5%

Heb je een (bank-) spaarhypotheek, dan levert rentemiddeling minder voordeel op en kan het zelfs negatief uitpakken voor je netto hypotheeklasten. Dit komt omdat je na rentemiddeling wel een lagere hypotheekrente betaalt, die aftrekbaar is, maar je spaarinleg of spaarpremie gaat juist omhoog door de lage rente en die is niet aftrekbaar.

Alternatieven voor rentemiddeling?

Rentemiddeling is interessant als je niet bij een dure geldverstrekker zit. Want anders kan het, ondanks de bijkomende kosten, toch interessant zijn om de hypotheek over te sluiten. Vraag je financieel adviseur om voor de door jou gewenste rentevaste periode de rentes te vergelijken. Sommige geldverstrekkers zijn bijvoorbeeld meer dan een half procent duurder dan goedkopere geldverstrekkers.

De rente staat nu laag en als je zekerheid wilt voor de toekomst, dan zijn rentemiddeling en oversluiten goede opties. Voordeel is dat je meteen naar lagere maandlasten gaat. Niemand weet zeker wat de rente in de toekomst gaat doen, maar het lijkt erop dat de dalende trend de komende maanden nog wel eens kan doorzetten. Vanuit dat oogpunt kan het interessant zijn om nog even te wachten. Maar dan moet je het natuurlijk niet vergeten en wel blijven opletten hoe de rente zich verder ontwikkelt, omdat je anders misschien te laat acteert.

Maak direct een afspraak